Wat losse gedachten over genade en schuld:
Jezus zegt: Heb je vijanden lief (mt 5). Paulus zegt: God bewees ons zijn liefde doordat Christus voor ons gestorven is toen wij nog zondaars waren (Rom 5), en even later: (toen) we nog Gods vijanden waren. Zó groot is Gods liefde en genade. Hij laat zijn zon immers opgaan over goede en slechte mensen en laat het regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen. Die genade mogen we aan elkaar doorgeven.

Jezus deelt zijn liefde uit aan iedereen, zo groot is zijn Genade!
Jezus’ offer was niet zozeer nodig voor God, genoegdoening, maar voor óns: wij zijn altijd maar weer op zoek naar de schuldige. En klagen ook vaak onszelf aan. Of we veroordelen anderen, om er zelf beter af te komen. Het is alsof Jezus zegt: blame it all on me. Zodat de schuldspiraal eindelijk doorbroken kan worden.
Jezus’ offer was niet de betaling van een rekening, maar een militair offer: Hij kroop als het ware ín het Beest, de Vijand, de wet, de dood, de vloek of hoe je het ook wilt benoemen, en versloeg die van binnen uit. Als een paard van Troje.
‘Als je vanuit genade leeft, wíl je niet eens meer zondigen, dan hou je daar vanzelf mee op’: dat is een bekende gedachte. Van nature heb ik daar moeite mee, gaat het echt vanzelf? Is Jezus dan net een dikke spons: er kan nog meer zonde bij? Als je zo leeft, dan gebeurt er toch niks met je? Zo van: God houdt van mij? o, ok, en ik hoef daar niks voor te doen? prima, en je leeft weer verder. Werkt dit niet pas als je echt in de gaten hebt hoe hard je God nodig hebt: dus hoe groot je ‘ellende’ is?
Nog een bekende: ‘Waaruit kent u uw ellende? Uit de wet van God.’ En wat te denken van de volgorde Ellende-verlossing-dankbaarheid? Ik heb een sterke voorkeur voor Verlossing (=Liefde/Genade)-ellende-dankbaarheid. Eigenlijk begínt het met Gods liefde en genade. In de klassieke volgorde blijft de nadruk liggen op mijn zonden, en Jezus’ plaatsvervangende straf. De rekening vereffend, op nul-niveau. Terwijl God zoveel meer voor ons heeft: de rijkdom van zijn genade! Hij hield al van ons toen wij nog zondaren waren. Hij daalde af, werd mens, en gaf zijn eigen leven, omdat Hij van ons houdt. zonder voorwaarde van bv. bekering, of wat dan ook. De vraag is vervolgens: waarom had ik dat nodig dan? Zo leer je je ellende kennen (de rijkdom van Jezus’ leven vergeleken met je eigen zwakheid, falen; maar meer nog: de noodzaak van Jezus sterven). Dus wat mij betreft wordt het: Waaruit leert u uw ellende kennen? Door het kruis van Jezus! Dat is de plek waar je tegelijk Gods liefde ontmoet.
Ik las onlangs het boek “Genade, wat een wonder” van Philip Yancey. Hij schetst een aantrekkelijk visioen van de kerk: de kerk als ‘vrijplaats van genade in een wereld die geen genade kent’. Hij schrijft liefdevol over vergeving – óók als de ander geen vergeving vraagt – als een tegennatuurlijke, tegen de borst stuitende daad, om de keten van genadeloosheid te doorbreken. Over genade die niet verdiend kan worden, omdat-ie gratis is. Ik vroeg me af: waarom hebben we zo vaak moeite om genade te schenken aan mensen die in bepaalde (ernstige) zonden leven? Is het misschien ons gevoel: “het is niet eerlijk, ik doe zó mijn best om goed te leven, zij verdienen niet dezelfde genade als ik…”? Als dat zo is, dan heb ik de genade zelf nog niet ontvangen, dan denk ik blijkbaar nog steeds dat ik die kan verdienen… (ef 2:8-9)?
Hoe groot is Gods genade? waar ligt de grens? is Zijn genade groot genoeg voor de massamoorden van Hitler, Stalin en Mao? Ja, ik geloof van wel. Gods genade is er voor iedereen. En Zijn genade kent geen grens in omvang. Maar Yancey laat wel zien dat er één voorwaarde is: je moet genade ontvangen. Treffend voorbeeld: een vriend van Yancey bedroog zijn vrouw -die van niets wist- en wilde van haar scheiden. Hij vroeg: ‘Zal God me die zonde (die hij nog moest doen) vergeven?’ Yancey: om genade te ontvangen moet je berouw hebben over je zonde, er afstand van doen. Dat betekent: erkennen dat je de genade nodig hebt, erom vragen, en je handen open houden. Voor wie dat doet is geen zonde te groot voor Gods genade.


